CMB BD

De afrekening

Top Ads
Top Ads
Top Ads

Ik kan me voorstellen dat het Tecla Kelly koud om het hart sloeg toen in de week na carnaval Otmar Oduber bij Ivo Yanez op de radio aankondigde dat hij zijn carnavalsgroep TOB zou opdoeken. Andere carnavalsgroepen hadden al hun eerste zet gespeeld door aan te kondigen dat zij na dit jaar weinig heil zagen in een volgende editie, maar de aankondiging van Oduber moest voor haar en de rest van de Stichting Arubaans Carnaval (SAC) het signaal zijn geweest dat het menens is en dat hun dagen wellicht zijn geteld. Oduber was immers de baas van de grootste groep en tevens minister van Toerisme en Cultuur die de premier advies kan geven over het wel of niet afgeven van de algemene vergunning om als enige carnaval te organiseren.

Die vergunning ging zestig jaar lang enkel en alleen naar SAC. De afgifte was niet meer dan een formaliteit. De stichting had al die tijd de alleenheerschappij over het grootste en belangrijkste evenement van het jaar. Een feest waar ettelijke miljoenen in omgaan, dat van onschatbare waarde is voor ons toerisme en waar de lokale bevolking griezelig veel tijd, geld en emotie in steekt. De voorzitter van SAC was een paar maanden lang een van de machtigste, zo niet stiekem de machtigste persoon op het eiland. 38 jaar lang was deze persoon Milo Croes, daarvoor waren slechts twee andere mensen voorzitter en daarna viel de beurt aan zijn trouwe secondant Tecla Kelly die de afgelopen tien jaar SAC heeft bestierd.

Voorzitter van SAC ben je voor het leven. Milo regelde dat en hij zorgde ervoor dat de macht van SAC en van de voorzitter van alle hoeken geconsolideerd werd. Tecla deed niet anders. Familieleden en vertrouwelingen kregen sleutelposities. “Net als in een regering”, vertelde ze mij toen ik haar na haar persconferentie interviewde. “Je wil mensen om je heen die je vertrouwt.” De organisatie bestaat niet uit afgestudeerde professionals of gelikte marketeers die je elders tegen zou komen, maar uit hardwerkende, eenvoudige mensen die dingen vaak snel en informeel opzetten. Geen meetings, geen targets en – als je de carnavalsgroepen en de minister moet geloven – een wat losse boekhouding. Linksom of rechtsom, het gaat er uiteindelijk om dat het er staat en of je nou eens bent of niet, SAC flikte het gewoon zestig jaar lang om het grootste feest neer te zetten. De ene keer wat beter dan de andere, maar toch. Ik kan me voorstellen dat A-type mensen in Playa, met hun zijden stropdassen en kekke rokjes daarvan hebben gegruweld. In die tegenstelling kon je het aloude conflict tussen ‘klip’ en ‘campo’ ook voelen en het bijzondere was dat dit keer de mensen uit het veld, en niet die uit de stad, de overhand hadden.

Maar is zoveel macht wel handelbaar voor een organisatie en één persoon? Is het wel gezond voor de toekomst van carnaval, zeker nu er zoveel miljoenen in omgaan en zoveel van ons toerisme ervan afhangt, om het op een kleinschalige en op veel vlakken ook achterhaalde manier aan te pakken? Dat de opzet van een particuliere stichting met alle macht in handen niet meer van deze tijd is, is een ding. Dat deze stichting keer na keer eenzijdige en vaak dubieuze beslissingen neemt en bovendien een halsstarrige, niet constructieve houding heeft naar de carnavalsgroepen – zij die daadwerkelijk het feest maken en op zin minst gefaciliteerd moeten worden – staat gelijk aan het tekenen van je eigen doodvonnis. Het is dan een kwestie van tijd voordat er wordt afgerekend.

Alle regeringen voorheen keken niet om naar SAC en lieten alles aan hen over. Maar nu had de stichting te maken met een minister die als deelnemer en groepsleider altijd volop betrokken was en die alle frustraties van de carnavalsgroepen als geen ander kent en hier wat aan wilde doen. Dat Otmar Oduber voor zijn rust en gezin TOB opgaf? Maak dat de kat wijs. Dat verhaal hangt met teveel toevalligheden aan elkaar. Alleen door zelf formeel genoeg afstand te nemen (maar ja, wat is genoeg?) en alleen zijn ministerspet op te houden kon hij zijn rol zo zuiver mogelijk proberen te houden. Maar de emotie in zijn betoog verraadt zijn betrokkenheid. De minister bood SAC een voorstel aan waarvan hij wist dat zij het nooit zouden accepteren. Het bestuur moest plaatsmaken voor nieuwe mensen. Tecla’s antwoord was zuinig. Ze mochten een paar plekken krijgen als commissarissen, maar niet in het bestuur. “Er was altijd ruimte voor de groepen, alleen ze komen nooit naar de vergaderingen.” Maar wat als die vergaderingen nooit ergens toe leiden? Als je als enige de macht in handen hebt, moet je juist het beeld scheppen dat je geen dictator bent.

Krijgt SAC haar vergunning niet, dan zal de rechter moeten beslissen. Het is feitelijk de enige optie die Tecla Kelly en haar ploeg rest en de uitkomst zou nog weleens in haar voordeel uitkomen. Alleenheersers zijn in deze tijd een zeldzaam soort survivors. Kijk naar Fidel Castro. Maar het is tijd voor wat anders. Het is een van de zeldzame keren dat het doel de middelen daadwerkelijk heiligt. SAC is zo machtig en tegelijkertijd – helaas ook door haar eigen toedoen – zo deficiënt geworden dat een gecalculeerd bloedbad het enige blijkt te zijn dat rest. Het nare is dat het vooral in dit geval om personen en persoonlijkheden gaat. Niemand verdient de publieke afrekening die Tecla Kelly nu overkomt. Maar misschien is dit ook iets van alleenheersers. Als je ze wilt verschalken dan moet je ze in hun paleis komen halen, met alle gevolgen van dien. De vraag blijft echter, wat komt ervoor in de plaats?

(Gepubliceerd in Amigoe di Aruba op 28-08-2014)

Top Ads
Top Ads
Top Ads

About The Author

Related posts

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.